Ontwikkelingen

Jaarverslag 2013

Ontwikkelingen

Hoewel we geanticipeerd hadden op verdere daling van de vraag naar kinderopvang had niemand verwacht of voorspeld, dat het zo snel zou gaan. De eerste twee maanden van 2013 gaven zo’n slecht resultaat, dat duidelijk werd dat er ingrijpende maatregelen getroffen moesten worden. We hebben daarop besloten eerst vast te stellen wat in onze ogen beslist behouden moet blijven. Natuurlijk de pedagogisch werkers met een vast contract, maar daarnaast ook onze locaties. Met onze locaties hebben we bewust een goede infrastructuur in de stad opgebouwd. Een goede opvangvoorziening in iedere wijk en de bso’s zo dicht mogelijk in de buurt van basisscholen. Zo kunnen kinderen in hun eigen woonomgeving worden opgevangen en kunnen we gemakkelijk samenwerken met de basisscholen. Het gemakkelijk kunnen samenwerken, heeft zich ook in 2013 goed vertaald in de start van heel veel peuterwerkplaatsen en voorscholen, waar kinderen van het kinderdagverblijf samen spelen met kinderen uit de wijk. Ook voor de buitenschoolse opvang is deze makkelijke samenwerking natuurlijk van belang. Die bewust opgebouwde infrastructuur willen we daarom zo lang mogelijk bewaren. We hebben daarop besloten eerst naar de mogelijkheden van herverdeling van taken en functies op het centraal bureau te kijken. In de eerste ronde hebben we dan ook besloten de frontoffice van de afdeling Klantencontacten te laten vervallen, evenals een aantal secretariaats-ondersteunende diensten. Verder hebben we alvast gebruik gemaakt van natuurlijk verloop door vrijwillig vertrek van medewerkers. Samen met de vakbonden en de ondernemingsraad hebben we een sociaal plan opgesteld. Op grond van de halfjaarcijfers konden we vaststellen dat deze ingrepen nog onvoldoende waren om in 2014 weer tot een structureel gezonde bedrijfsvoering te komen. Dat leidde tot een herinrichting van de decentrale overhead op de locaties: het vervallen van de functie administratief medewerker op locatie en het herverdelen van de locaties over minder managers kinderopvang. Daarvoor in de plaats zijn er extra meewerkend kinderdagverblijfcoördinatoren en twee centrale roosterplanners aangesteld. Deze ombouwoperatie vond plaats tussen november 2013 en april 2014 en is inmiddels geïmplementeerd. Over elke grote maatregel zijn ouders en medewerkers via een uitgebreide brief van de directeur geïnformeerd. Veel ouders hebben laten weten het te waarderen dat ze goed op de hoogte zijn gehouden van de ontwikkelingen in verband met de krimp. Met de Raad van Toezicht is in november afgesproken dat, als de cijfers van december 2013 en begin 2014 nog verdere daling van de bezetting laten zien, we nog een derde ronde maatregelen zouden treffen. Helaas moeten we constateren dat dit inderdaad het geval is en zijn er ook in 2014 weer maatregelen te verwachten. Wel kunnen we vaststellen dat onze uitgangspunten nog steeds overeind staan.

Geslaagde integratie

Ondanks alle maatregelen zijn we er in 2013 toch in geslaagd onze ambities op het terrein van integratie van peuterspeelzaalwerk, voorschoolse educatie en kinderopvang helemaal waar te maken. Op veel basisscholen draaien inmiddels voorscholen, waar peuters vanuit het kinderdagverblijf samenspelen met de peuters uit de buurt. Wij merken dat veel basisscholen deze voorziening met open armen ontvangen. Het is hartverwarmend om te zien hoe samenwerkingsgericht vooral ook de leerkrachten van de onderbouw zich opstellen. Zo worden peuters en kleuters in de gelegenheid gesteld om elkaar te ontmoeten. Vooral buiten op het speelterrein is dit heel goed mogelijk. Maar ook de peuterwerkplaatsen op de kinderdagverblijven worden door iedereen zeer gewaardeerd. Niet in de laatste plaats door de peuters zelf; zij staan er ’s ochtends helemaal klaar voor. Alle kinderen met recht op voorschoolse educatie zijn gewoon onderdeel van de groep; het extra steuntje in de rug dat zij nodig hebben, is voor hen een vast onderdeel van het programma. Inmiddels zijn alle met de gemeente afgesproken VE-plaatsen bezet. Om geen wachtlijst te laten ontstaan hebben we nog enkele nieuwe afspraken voor uitbreiding van het aantal plaatsen met de gemeente Amersfoort kunnen maken. Wij verwachten in 2014 opnieuw alle VE-plaatsen te bezetten. We hebben in 2014 nog een aantal door de gemeente gesubsidieerde reguliere peuterplekken beschikbaar voor ouders die geen gebruik kunnen maken van de kinderopvangtoeslag. Dat geeft ons de gelegenheid om nog een aantal peuterwerkplaatsen of voorscholen te starten. Dit zullen naar alle waarschijnlijkheid geen gemengde groepen meer zijn, want vrijwel alle kinderdagverblijfkinderen spelen al op één van de huidige peuterwerkplaatsen of voorscholen. Een prachtig resultaat.

Nieuwe meerjarenkoers

In het voorjaar van 2013 zijn het Managementteam en het middenkader bijeen geweest om onder leiding van Ed Buitenhek van Buitenhek Management & Consult na te denken over de verdere toekomst van de kinderopvang in het algemeen en de toekomst van de SKA in het bijzonder. Het meerjarig strategisch beleid is namelijk in 2013 afgerond en het is tijd voor een nieuwe strategische koers. Waar gaat onze focus de komende jaren liggen en op welke wijze kunnen wij onze positie behouden? Wat vragen ouders, kinderen, maar ook de samenleving van ons in de huidige tijd? Kunnen we nieuwe diensten ontwikkelen en in welke lijn moet dat dan liggen? Moeten we de service aan ouders uitbreiden? Kunnen we een flexibel aanbod doen waarbij de eveneens belangrijke groepsstabiliteit behouden blijft? Allemaal kwesties die om een antwoord vragen. We hebben in ieder geval vastgesteld dat de SKA haar missie en visie wil blijven behouden. Dat betekent kwaliteit handhaven en onderscheidend vermogen blijven behouden, maar daarbinnen zoeken naar verruiming van mogelijkheden voor ouders. Tijdens een debatavond met ouders die in april werd gehouden, bleek het handhaven van de kwaliteit ook de voorkeur van onze huidige ouders te zijn. Ouders gaven ook aan dat de SKA beter zichtbaar moet zijn in Amersfoort. De unique selling points moeten beter voor het voetlicht worden gebracht. Het gebruik van sociale media kan nog beter worden benut. Het daadwerkelijk schrijven van het meerjarenbeleid is uitgesteld tot 2014; het lukte in verband met alle maatregelen niet om dat eind 2013 klaar te hebben. Bovendien is de politieke opvatting over de toekomst van de kinderopvang dermate mager dat er ook nauwelijks een duurzame koers op te pakken valt. Wij hopen dat daar in 2014 iets meer duidelijkheid over komt. De te verwachten ombouw van de toeslagensystematiek zou wel eens voor een plotselinge verandering in bedrijfsvoering kunnen zorgen. Voorlopig blijft de kinderopvang te conjunctureel gevoelig om duurzame ontwikkelingen te schetsen. Dat is echter wel de hoogste tijd. Veel ouders zijn afhankelijk van een goede opvangvoorziening. Steeds vaker wordt uit wetenschappelijk onderzoek duidelijk dat de kinderopvang van toegevoegde (ontwikkel)waarde voor kinderen is. Dat moet zich dan ook vertalen in duurzame voorzieningen. Steeds meer partijen zijn het hierover in de basis met elkaar eens. De volgende stap is de vormgeving daarvan.

Keuzemogelijkheden voor ouders vergroten

We hebben vastgesteld dat de SKA eigenlijk weinig keuzemogelijkheden biedt voor ouders die groepsopvang belangrijk vinden voor hun kinderen, maar ook het gebruik en daarmee de kosten willen of moeten beperken. De keuze is óf de peuterwerkplaats/voorschool met beperkte openingstijden, voor kinderen van 2 tot 4 jaar, óf het kinderdagverblijf met zeer ruime openingstijden, voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Daarom hebben we in de zomer van 2013 een nieuwe dienstverlening ontwikkeld: ‘klein label, goede kinderopvang met een kleine maat’. In de loop van 2014 gaan we verspreid over Amersfoort een aantal kleinlabel-groepen openen, op onze bestaande locaties. De klein label-groepen zijn open op maandag, dinsdag en donderdag van 8.30 uur tot 16.30 uur en op woensdag en vrijdag van 8.30 uur tot 12.30 uur. De groepen zijn gedurende vier weken in de zomer en de week tussen Kerst en Oud & Nieuw gesloten. De beperktere openingstijden zorgen voor aanmerkelijk lagere kosten per dag, maand en jaar, en leveren zo niet alleen een besparing voor ouders, maar ook voor de overheid op. Met het starten van klein label sluiten wij aan bij onze missie om kwalitatief goede opvang te bieden en om in ons aanbod aan te sluiten bij maatschappelijke ontwikkelingen en vragen van ouders. Natuurlijk betekent het voor ouders dat zij meer moeten puzzelen met hun eigen werktijden om binnen deze tijden hun opvangbehoefte te realiseren,. Er staat echter een behoorlijke kostenbesparing tegenover, met name voor die ouders die een groot deel van de kosten zelf moeten dragen. Dat is een grote groep binnen de SKA. Aan het starten van klein label was wel een risico verbonden. Als alle ouders uit onze kinderdagverblijven naar klein label zouden willen overstappen, zou dat tot nog verder omzetverlies kunnen leiden. Uit de eerst gestarte groepen in februari 2014, blijkt dat niet het geval. Huidige ouders stappen niet massaal over. We gaan er dus vanuit dat dit vooral een nieuwe mogelijkheid biedt aan ouders die voor het eerst gebruik gaan maken van kinderopvang, voor zzp’ers, voor ouders die de lange dagen van de ‘reguliere’ opvang niet prettig vinden voor hun baby, of voor ouders die de kosten willen beperken. Wij gaan er vanuit dat de aanlooptijd wat langer zal zijn. Eind 2013 hebben we een uitgebreide reclamecampagne georganiseerd, waaraan zowel enthousiaste ouders als medewerkers een bijdrage hebben geleverd. Het begrip ‘klein label’ en de mogelijkheden die deze nieuwe vorm van groepsopvang biedt, moet nog even landen in de stad. In 2014 organiseren we daarom telkens bij de opening van een nieuwe klein label-groep een nieuwe campagne.

Digitalisering

In 2013 zijn, wat minder extern zichtbaar, een groot aantal bedrijfsprocessen gedigitaliseerd. Het Kwaliteitshandboek is geheel digitaal op pc, tablet en telefoon in te zien. Lang zoeken naar protocollen en werkinstructies is niet meer aan de orde. Medewerkers hebben zo altijd toegang tot de meest actuele afspraken, regels en instructies in het kader van de vele wettelijke verplichtingen. De urenregistratie is verder verfijnd en op detailniveau te volgen, waardoor hele nauwkeurige sturing mogelijk is. Een aantal administratieve processen op HR-terrein zijn verder uitgewerkt en leveren nadere sturingsinformatie. Het meest zichtbaar is echter de door ouders zeer gewaardeerde uitrol van het ouderportaal ‘Mijn SKA’. In 2013 is op een aantal kinderdagverblijven een pilot gestart. Ouders en medewerkers hebben geholpen met feedback, zodat 2014 alle locaties live konden gaan. Een hele klus en een hele investering (laptops en tablets op alle groepen), maar wat een gewenst effect! Ruilen, extra aanvragen, aan- en afmelden: het is allemaal eenvoudig via Mijn SKA. Het digitale schriftje wordt samen met foto’s van wat de kinderen gedurende de dag meemaken een prachtig ontwikkelingsoverzicht. In 2014 blijven we de mogelijkheden verder uitbreiden. Super handig en helemaal van deze tijd.

Uitbreiding in Leusden

In april 2013 is Stichting Peuterspeelzalen Leusden een dochteronderneming van de SKA geworden. SPL wilde graag versterking op het terrein van centrale overhead en de SKA wilde graag haar positie in Leusden versterken. De bestuurlijke overname biedt beide partijen nieuwe kansen. De samenwerking is al verder geïntensiveerd door het verhuizen van twee peuterspeelzalen naar SKA-kinderdagverblijf Villa Blanca in Leusden. Daardoor ontstaat er gemakkelijke integratie tussen de beide werkvormen. In Leusden wordt het peuterspeelzaalwerk binnen twee jaar overgeheveld naar de kinderopvang. Daartoe zal ongeveer een zelfde proces plaatsvinden als bij de SKA en STAP (Stichting Amersfoortse Peuterspeelzalen) in 2012. SPL blijft wel een zelfstandige stichting. Voorlopig lijkt dit voor zowel SKA als SPL de beste juridische positie.

Faillissement van kinderdagverblijf de Larix

De SKA heeft in het voorjaar van 2013 voor de ouders en kinderen van het failliet gegane kinderdagverblijf de Larix in het Soesterkwartier, kinderdagverblijf het Buitenhuis geopend. Het Buitenhuis ligt vlakbij kinderdagverblijf de Puntmuts; beide kinderdagverblijven vallen onder dezelfde manager en er wordt nauw samengewerkt. Voorlopig heeft een deel van de ouders daardoor weer in de eigen woonomgeving een goede opvangplek voor de kinderen gevonden.