Ontwikkelingen

Jaarverslag 2014

Ontwikkelingen

In 2014 daalde de vraag naar kinderopvang nog sneller dan in 2013.  Per half jaar hebben we de situatie beoordeeld en maatregelen genomen. Voorspellingen waren moeilijk te geven. Verschillende voorspellers spraken elkaar bovendien tegen. Voor de SKA was één cijfer positief:  de instroom van 0-jarigen bleek in 2014 hoger dan in 2013. Dat duidt op een voorzichtig aantrekken van de vraag. Tegelijkertijd houden we er rekening mee dat er in 2015 verhoudingsgewijs nog veel kinderen die 4 jaar worden, zullen uitstromen.   

Landelijke en maatschappelijke ontwikkelingen

De landelijke overheid straalt weinig  visie op de toekomst van de kinderopvang uit. Wij verwachten geen grote omwentelingen in deze regeerperiode. Binnen de politiek is het weliswaar stil, maar de wetenschap spreekt klare taal. Het onderwijs moet zich vernieuwen en de kwaliteit moet omhoog om de kinderen  van nu een goede toekomst te garanderen. Kinderen van nu hebben  21st century skills nodig. Vooral het probleemoplossend,  zelfregulerend en communicatief vermogen is van belang. Veel van die vaardigheden leer je als je nog heel jong bent. En vooral in groepsverband.  De kinderopvang kan hier met haar ontwikkelingsgerichte werkwijze een uitstekende bijdrage aan leveren. 

De maatschappelijke discussie over het jonge kind is overigens al flink aan het oplopen. Het wordt de komende jaren zeer waarschijnlijk een van de belangrijkste thema’s. Eén conclusie wordt al  getrokken: kinderen van 0 -12 jaar (en hun ouders) hebben baat bij geïntegreerde voorzieningen voor ontwikkeling en educatie. Dit krijgt ook al vorm in diverse landelijke initiatieven, waaronder de beweging Kindcentra 2020. De SKA is lid van de landelijke regiegroep Kindcentra 2020. Deze groep bereidt  nieuwe wetgeving en modellen voor die alle kinderen moet voorzien van een zogenaamd  bekostigd ontwikkelrecht en de mogelijkheid dat aan te bieden in een geïntegreerd kindcentrum. Er zijn veel wetswijzigingen en aanpassingen noodzakelijk om dit in de toekomst mogelijk te maken. Wij geven als SKA handen en voeten aan onze visie door in Amersfoort stevig samen te werken met het basisonderwijs. En overigens ook met Welzijn en Jeugdzorg. 

Brancheontwikkelingen

De Brancheorganisatie Kinderopvang heeft de afgelopen jaren hard gewerkt aan het samenstellen van een nieuw kwaliteitskader voor de kinderopvang en heeft veel lobbywerk verricht richting de overheid. 
Samen met het Waarborgfonds Kinderopvang heeft de Brancheorganisatie de cijfers in de kinderopvang verzameld en bijeengebracht in een sectorrapport over 2013. Het sectorrapport geeft zicht op de bedrijfsvoering in de sector. Het sectorrapport 2013 laat  zien dat vrijwel de hele sector, ondanks de bijzonder slechte financiële situatie waarin ze  verkeert, toch grotendeels blijft kiezen voor handhaving van kwaliteitskenmerken. Het is ook duidelijk dat de sector steeds minder in staat is dit vol te houden. In totaal  heeft de sector ongeveer een derde van haar omzet verloren (ten opzichte van 2011!). De regionale verschillen zijn groot, maar ook bij de SKA is sprake van een omzetverlies van rond de 30%. 

Gemeentelijke ontwikkelingen

ABC

De afkorting ABC staat voor Amersfoorte Brede Combinatieschool.  In 2014 zijn de ABC’s ge-audit door een externe commissie. Vraagstelling daarbij was: ‘Realiseren de verschillende ABC-stuurgroepen hun ambitieniveau daadwerkelijk?’ De uitkomst was in zijn algemeenheid positief. De ABC-formule heeft ervoor gezorgd dat partijen en organisaties die met kinderen van 0 – 12 jaar werken elkaar goed hebben gevonden, elkaar regelmatig opzoeken en samen zorgen voor een verrijkend  programma voor alle kinderen in de wijk. De gekozen verantwoordingsstructuur neemt echter te veel van het beschikbare budget  in beslag. Het ABC-bestuur, bestaande uit de bestuurders van de drie grote basisonderwijskoepels en van kinderopvangaanbieders SKA en Partou en de directeur van Welzin, wil daarom in 2015 gaan werken vanuit een gewijzigde verantwoordingsstructuur, zodat er meer budget beschikbaar komt voor de daadwerkelijke programma’s. 

Kwaliteitsconvenant kinderopvang Amersfoort

De gemeente Amersfoort spant zich samen met de GGD en de kinderopvangaanbieders in om een hoog kwaliteitsniveau in de kinderopvang  in Amersfoort te realiseren. Daartoe zijn in 2012 afspraken vastgelegd in een kwaliteitsconvenant. Twee keer per jaar wordt een bestuurlijk overleg met de wethouder gevoerd. Dit wordt voorbereid door een werkgroep ‘Kwaliteit kinderopvang’,  waarin de SKA samen met een aantal directeuren van andere aanbieders participeert. Het kwaliteitsconvenant moest in 2014 worden geactualiseerd. In de voorbereiding daarop had de werkgroep het convenant vooral aangevuld met specifiek Amersfoortse afspraken die voortkomen uit de Lokaal Educatieve Agenda (LEA; dit is een verplicht gemeentelijk overleg tussen onderwijs en andere partijen die raakvlakken hebben of werken aan jeugd). Helaas is het nieuwe convenant door een wisseling van wethouder en een aantal ambtelijke continuïteitsproblemen te lang blijven liggen. In nieuw overleg met de wethouder is in januari 2015 afgesproken het nieuwe convenant helemaal uit te stellen, tot 2016, en het dan aan te passen aan de nieuwe jeugdagenda 2016-2019. 

Bezuinigingen op het onderwijs

In 2014 zijn de LEA-partners, waaronder de SKA, uitgenodigd na te denken over een structurele bezuinigingsopgave van 2,5 miljoen euro op de gemeentelijk onderwijsbegroting vanaf 2016.  Dit kan gevolgen hebben voor bijvoorbeeld de gemeentelijke subsidie voor peuteropvang voor kinderen van wie de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, maar ook voor bso-extra en het ABC-budget. Een tijdelijke werkgroep heeft zich gebogen over deze opdracht en een aantal aanbevelingen gedaan. Het proces wordt in 2015 verder uitgewerkt. Gemeentelijke besluitvorming hierover vindt waarschijnlijk voor de zomer 2015 plaats. De SKA blijft uiteraard sterk betrokken bij deze ontwikkeling. 

Transitie Jeugdzorg en de ontwikkelingen in het sociale domein

Vanaf 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de ondersteuning en begeleiding van mensen die om wat voor reden extra zorg nodig hebben. Dit gaat dus ook om de jeugdzorg. In Amersfoort is deze transities in 2013 en 2014 door de gemeente zorgvuldig voorbereid, in nauwe samenspraak met het veld, waaronder de SKA. 

De kinderopvang heeft  niet, zoals bijvoorbeeld de jeugdzorg, ouderenzorg en maatschappelijke zorg, te maken met een stelselwijziging en staat relatief los van de transities binnen de zorg. Maar het is belangrijk om te beseffen dat de kinderopvang veel meer dan tot nu toe een plek zal krijgen in de zorg rondom kinderen. De kinderopvang is een (vroege)  vindplaats van probleemsituaties en kan heel vaak een rol spelen als het gaat om preventie of vroege interventie. Dit geldt zowel voor de dagopvang als voor de buitenschoolse opvang. Wel maakt ook de SKA zich op voor mogelijke nieuwe verantwoordelijkheden in dit kader. Ons ‘Protocol zorg over een kind’ moet worden aangepast. Daarnaast  zal hulp aan kinderen of hun gezinnen  vaker worden uitgevoerd in de nabijheid van het kind. ‘Kind-nabije zorg’  zal vaker op het kinderdagverblijf of  op de buitenschoolse opvang plaatsvinden. Samen met Youké en Amerpoort (jeugdzorgaanbieders  in de tweede lijn)  voert de SKA al een aantal pilots uit. Dit gaan we de komende jaren verder  uitbreiden. Kinderopvang krijgt daarmee vooral een stevige rol in de ‘basisinfrastructuur’. 

Ook basisscholen hebben te maken met deze ontwikkeling: ‘passend onderwijs’.  Wij vinden dit een goede ontwikkeling en dragen daar graag aan bij.  In 2015 wordt door ons dan niet meer verwezen naar jeugdzorg maar naar het integrale wijk(hulp)team. De bedoeling is vroege en  integrale hulp, zonder versnippering.  Het nieuwe  wijkhulpmodel  zal nog wel ontwikkelingstijd nodig hebben, maar de eerste stappen zijn in 2014 gezet. De wijkgerichte aanpak past overigens uitstekend bij  de wijze waarop de SKA is georganiseerd en past ook goed bij de leeftijdsgroep 0 – 12 jaar. Alle reden om intensief met alle Amersfoortse maatschappelijke organisaties te blijven optrekken. Dat lijkt meer nodig dan ooit.

Dit trekt overigens ook een sterke wissel op het management van de SKA. De SKA is de grootste lokale aanbieder van de dagopvang en een van de grootste aanbieders van buitenschoolse opvang. Dat betekent dat er gemeentelijk gezien en ook in het maatschappelijk middenveld vaak naar de SKA wordt gekeken en verwacht wordt dat de SKA een stevige rol op zich neemt (noblesse oblige) Tegelijkertijd zijn in 2015 de managementuren ook bij de SKA beperkter dan in 2014 als gevolg van de organisatiekrimp. We zullen daar de goede balans in moeten houden.  

Ontwikkelingen binnen de SKA 

Het was noodzakelijk om de bedrijfsvoering op allerlei onderdelen opnieuw in te richten om kosten en baten weer structureel met elkaar in evenwicht te brengen. In 2014 leidt dat voor de SKA net als in 2013 opnieuw tot een pittig verlies. Dit is verder uitgewerkt in het hoofdstuk Financiën.

Verruiming contractmogelijkheden/dienstverlening

In 2014 hebben we de dienstverlening op een aantal manieren met nieuwe contractvormen uitgebreid. Naast de reguliere groepsopvang op het kinderdagverblijf kunnen ouders nu ook kiezen voor opvang in het kinderdagverblijf, met korte dagen: klein label. De dienstverlening is inhoudelijk gelijk aan de reguliere dagopvang maar kent veel kortere openingstijden. Een dagdeel ‘klein label’ is 4 uur; bij de reguliere opvang 5,5 uur. Klein label is gesloten op woensdag- en vrijdagmiddag, tijdens de middelste 4 weken in de zomer en tussen Kerst en Nieuwjaar.

In 2014 zijn er in totaal 5 groepen klein label open gegaan. In 2015 zullen we nog 1 of 2 groepen starten. Zo is er een goede spreiding over de stad. We merken dat deze nieuwe mogelijkheid nog onvoldoende bekend is bij potentiële klanten. We blijven dus aandacht besteden aan het promoten ervan . Ook de mogelijkheid om dagdelen regulier en klein label te combineren is nog relatief onbekend. Onder het motto ‘mixen mag’ gaan we dit extra onder de aandacht brengen. In 2015 gaan we nog meer mix mogelijk maken. Wel houden wij vast aan ten minste 2,5 uur ongestoorde speeltijd voor de kinderen. Ongestoorde speeltijd vinden we  belangrijk als het gaat om de meerwaarde van de groep. Hier houden we in al onze dienstverlening aan vast. 

Bij de kinderdagverblijven en de buitenschoolse opvang hebben we de ruilmogelijkheden en de incidentele opvang uitgebreid. Bij incidentele opvang kunnen ouders die nog geen diensten bij de SKA afnemen een contract afsluiten voor een zeer beperkte periode of zelfs één keer opvang. Met deze verschillende mogelijkheden kunnen ouders steeds meer een op maat gesneden contract afnemen. 

Voorschoolse educatie 

De SKA heeft een driejarig  subsidiecontract met de gemeente om voorschoolse educatie aan te bieden aan kinderen van 2,5 – 4 jaar die een risico lopen op taalachterstand. De indicatie verloopt via de Jeugdgezondheidszorg (consultatiebureau). Naast voorschoolse educatie voor geïndiceerde kinderen subsidieert de gemeente Amersfoort voor 160 kinderen peuteropvang voor kinderen van wie de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Dit subsidiecontract loopt door in 2015 en zal waarschijnlijk in 2016 met nog een jaar worden verlengd.  

De SKA is een van de weinige kinderopvangorganisaties in Nederland waar op alle kinderdagverblijven, peuterwerkplaatsen en voorscholen een voorschools educatief programma wordt aangeboden. Een hele prestatie in de huidige tijd. Alle medewerkers zijn inmiddels  VE-opgeleid. 

SPL

In navolging van de SKA heeft ook onze dochterorganisatie SPL (Stichting Peuterwerk Leusden) per 1 september 2014 de peuterspeelzalen in de gemeente Leusden omgevormd naar peuterwerkplaatsen en voorscholen (peuterspeelzaal ‘nieuwe stijl’) onder de Wet kinderopvang. De groepen worden door natuurlijk verloop teruggebracht naar maximaal 14 kinderen. Alle locaties zijn in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen geregistreerd als kinderdagverblijf. Reglementen en beleid zijn waar nodig aangesloten bij de beleidsregels van kinderdagverblijven.

Voor 2014 was SPL met de gemeente overeengekomen dat 16 plaatsen voor VE gerealiseerd konden worden. Met ingang van 2015 kunnen 18 plaatsen voor VE gerealiseerd worden. 

De gemeente Leusden heeft eind 2013 besloten om met ingang van 2015 de subsidie voor peuters-peelzaalwerk te verminderen in twee stappen tot een bedrag van € 46.000 in 2016. Hierop heeft SPL in 2014 een plan gemaakt waarbij het uitgangspunt is geweest om peuter(speelzaal)werk in Leusden te behouden door het ombouwen van de financiering. 

Bso-extra

De bso-extra is een gezamenlijk project van de SKA en kinderopvangorganisatie Partou, en wordt ook door de gemeente gesubsidieerd. Dit is een project in het kader van de transitie in de jeugdzorg. Op vier bso’s in de stad kunnen kinderen die extra zorg nodig hebben terecht binnen een gewone groep. Bedoeling is om de kennis en ervaring van de medewerkers van de bso-extra te verspreiden over alle bso’s, zodat kinderen  met extra zorgbehoefte overal in reguliere groepen kunnen worden opgevangen. Voor  het jaar 2015 is de subsidie voor de bso-extra inmiddels weer toegekend. Voor 2016 wordt opnieuw een aanvraag gedaan in 2015. 

Samenvattend

De vele ontwikkelingen zijn spannend, veranderlijk en weinig voorspelbaar. Het vergt redelijke stuurmanskunsten om de ontwikkelingen te volgen en op het juiste moment antwoorden te vinden. Het vraagt om een voortdurende alertheid, betrokkenheid  en beweeglijkheid  van de organisatie. Daarnaast is het ook zaak om in 2015 kosten en baten weer structureel met elkaar in evenwicht te brengen. De maatregelen daartoe zijn genomen en worden in 2015  nog deels uitgevoerd. Een gezonde financiële situatie is tenslotte voorwaarde voor al onze inspanningen. Een pittige opgave.